Een RET-tram met bestemming Feyenoord-Stadion die in hartje Amsterdam rijdt. Dat lijkt haast op een goede Rotterdamse grap, maar dit is in 1975 werkelijkheid. Maar hoe komt die tram daar terecht en waarom rijden die Amsterdammers met ‘onze’ tram?

Balt Korthals Altes uit Amsterdam is in 1970 degene die als particuliere liefhebber de tram voor 1000 gulden koopt van de RET. Lange tijd na de aankoop blijft de tram de toenmalige remise van Delfshaven staan. Pas in 1975 gaat de tram naar Amsterdam, omdat hij daar gebruikt gaat worden voor de museumtramlijn die ze dan sinds 1973 in de hoofdstad hebben. De Electrische Tramlijn Amsterdam verzorgt deze lijn en Korthals Altes is daar ook aan verbonden.

Rotterdamse kwaliteit

Henk Mertens is als fotograaf van trams al jarenlang verbonden aan de Rotterdamse Stichting RoMeO. De organisatie die zich bekommert om historische RET-trams en onder meer verantwoordelijk is voor de nostalgische Tramlijn 10 die in de zomer door Rotterdam rijdt. Mertens begrijpt goed waarom Korthals Altes destijds de tram had opgekocht.

“Dit tramstel was een van de beroemde vier-assers. Rotterdam stond vanaf 1929 tot in de jaren zestig bekend om deze kostbare trams, omdat deze zo modern waren”, aldus Mertens. Het bijzondere aan deze trams is dat de mensen ook in het midden kunnen instappen en niet alleen aan de voor- en achterkant. Haast nergens anders worden deze trams in Europa gebruikt. Wel in Milaan, toevallig de ook de stad waar Feyenoord in 1970 de eerste Nederlandse Europacup 1 wint.

Goed ontvangen

Mertens vindt het wel geinig dat die tram met bestemming Feyenoord-Stadion in 1975 over het Leidseplein heeft gereden. “Dat moet wel voor vreemde gezichten hebben gezorgd”, denkt hij. Maar waarom de tram in het Amsterdamse centrum rijdt, daar kan Mertens alleen naar gissen.

De reacties waren uitsluitend positief

Korthals Altes kan dit wel verduidelijken. “Deze tram werd ingezet om de bestuurders van de nieuwe museumlijn in te werken.” Op de vraag hoe de Amsterdammers in de binnenstad reageerden op het Rotterdamse rijtuig is Korthals Altes stellig: “De reacties waren uitsluitend positief.” Van een rivaliteit tussen Amsterdam en Rotterdam lijkt dus weinig sprake.

Overigens zijn er nooit Amsterdamse trams naar Rotterdam gekomen. Hoewel in de Maastad ook een museumlijn bestaat, rijden daar alleen RET-trams. Mertens: “Dat is een bewuste keuze om alleen met Rotterdams materieel te rijden. Daarin verschillen wij van Amsterdam, omdat zij met verschillende soorten binnen- en buitenlandse tramstellen rijden.”

Trots op Rotterdam

De afbeelding van de RET-tram op het Leidseplein staat ook in het clubblad De Feijenoorder van oktober 1975. De Feijenoorder is het oorspronkelijke orgaan van de Sportclub Feyenoord dat tussen 1917 en 1983 wordt uitgegeven. Omdat het blad niet meer bestaat en de redacteuren zijn overleden, vragen we aan Hans Fortuin of hij kan uitleggen waarom zo’n afbeelding in een Feyenoord-blad terecht komt. Fortuin is al jarenlang actief voor het Feyenoord-supportersblad Hand in Hand.

Nadat hij met lichte verbazing de foto heeft bekeken, kan hij wel begrijpen waarom het blad de afbeelding in 1975 heeft afgedrukt. “Ik denk dat er meerdere zaken spelen. Ten eerste is het natuurlijk bijzonder dat die tram daar rijdt. Daarnaast is dit ook op een leuke manier spelen met die stedelijke rivaliteit die toen nog niet zo vijandig was. En daarnaast speelt ook mee dat we ook trots kunnen zijn op ons Rotterdams openbaar vervoersysteem. Dat geldt voor vroeger, maar ook nog steeds voor deze tijd.”

Tot slot pleit Fortuin voor een nieuwe RET-tram die in Amsterdam moet rijden. Fortuin: “We hadden in Rotterdam een tijdje de trams die rondreden met delen uit het clublied van Feyenoord. Het zou natuurlijk mooi zijn als zo’n tram daar kan rondrijden”, vertelt hij pretoogjes.

Kopafbeelding: De RET-tram op het Leidseplein met als bestemming ‘Stadion Feijenoord’. (Bron: Herman de Ranitz Public Relations Amsterdam, 1975).